Eilandhoppen op de Dodekanesos
Griekenland is een land met een ongekend aantal kleine en grotere eilanden. In totaal zijn er zo’n zo'n 6000, op minder dan 300 van deze eilanden wonen mensen en 78 eilanden hebben meer dan 100 inwoners. Ieder eiland is weer anders en niets is leuker dan deze te combineren.
Het lijkt zelfs of de vakantie langer duurt, door de vele indrukken die je opdoet. Per ferry van het ene eiland naar het andere is een heerlijke manier van reizen en onderweg op het water genieten van de zon, pittoreske haventjes en mooie vergezichten. Op de eilanden kun je leuke dorpjes bezoeken en in de lokale tavernes proberen we iedere keer een andere specialiteit: een heerlijk visje of een traditionele mousaka.
Enkele tientallen jaren geleden hebben we al eens een kort bezoekje gebracht aan Kos, het eiland op zich heeft destijds echter niet een bijster grote indruk op mij gemaakt. In mijn herinnering was het toen niet het pittoreske blauw-witte eiland wat ik kende van Griekenland en waar ik op had gehoopt.
Toch gaan we in juni 2026 terug om te zien of we nu alsnog de charme van de Dodekanese eilanden kunnen ontdekken. Van de nog zichtbare geschiedenis van Kos tot de ruige schoonheid van Kalymnos en de vulkanische mystiek van Nisyros, we gaan zien of deze combinatie wel een onvergetelijke eilandenervaring kan bieden. Want waar zouden we zijn zonder drang tot ontdekken? Alhoewel het massatoerisme op Kos iets is wat we liever vermijden, is het eiland wel zeer geschikt als uitgangspunt om op verkenning te gaan naar de eilanden van de Egeïsche zee. De diversiteit en schoonheid van de eilanden voor de kust van wat ook wel Klein Azië wordt genoemd, geven wel zin tot ontdekken van deze regio. Ga met ons mee om de veelzijdigheid van de Egeïsche Zee te ervaren.

Waarom kiezen we deze keer weer voor de Dodekanesos?
De Dodekanesos (Dodekánisa wat 12 eilanden betekent) is een groep eilanden in het zuidoosten van Griekenland, in de Egeïsche Zee en niet ver van de kust van Turkije. Eigenlijk tellen de Dodekanese veel meer dan 12 eilanden, maar de kleinere eilanden zijn in de benaming niet meegenomen. In totaal zijn het wel 163 eilanden en eilandjes, waarvan er slechts 27 permanent worden bewoond. Dit deel van Griekenland is dus uitermate geschikt om te eilandhoppen en dat is nu juist wat wij in juni 2026 hier willen gaan doen.
We stappen op vliegveld Weeze weer in bij Ryanair om drie uurtjes later in de vroege avond te arriveren op Kos.
De eilanden van de Dodekanesos
Rhodos en Kos behoren tot de bekendste eilanden van de groep, samen met Karpathos zijn deze ook de grootste. Patmos heeft veel bezoekers uit religieus oogpunt. Leros, Symi, Kalymnos en Astypalaia zijn minder bekend bij het grote publiek.
De kleinere eilanden, zijn onder andere Tilos, Nisyros, Leipsoi, Chalki, Kasos, Kastellorizo, Agathonisi, Telendos en Pserimos.
De 27 permanent bewoonde eilanden hebben samen in totaal hooguit 190.000 inwoners en maar liefst zo'n 1.400.000 toeristen bezoeken alleen al Kos ieder jaar.
Griekenland heeft het dichtste netwerk van veerboten ter wereld, vanaf half mei tot half september kun je over het algemeen rekenen op dagelijkse bootverbindingen tussen de eilanden. Toeristen vanuit de hele wereld komen eilandhoppen in dit zonovergoten prachtige land. Ik durf wel te stellen dat Griekenland al jarenlang dé backpack bestemming van Europa is. Wij blijven liever niet lang op één plek en Griekenland is een van onze favoriete vakantielanden in Europa. Eilandhoppen is gemakkelijk en goed te organiseren, je kunt het goed zelf regelen en dat is hartstikke leuk. In het zonnetje op het dek van de ferry nemen we voldaan afscheid van het ene eiland en zijn alweer nieuwsgierig naar wat te wachten staat op de volgende bestemming.
Het mediterrane Griekenland is als een inktvis: het strekt zijn tentakels uit van het vasteland – het sterke hart vol oudheden – naar de vele eilandjes, de meeste wel min of meer toeristisch, sommigen nog onontdekt door het massatoerisme. Het zeegevoel is alom aanwezig: in de blauw-witte kubushuisjes, in de vissersbootjes langs de kust en in de verse calamaris op je bord. Als Griekenland zijn tentakels om je heen slaat, laat het niet meer los.
Buiten het zomerseizoen wordt de frequentie van de ferry's wat minder. De Meltemi-wind begint wel te waaien in de zomer (vooral in juli en augustus) in het Egeïsch zeegebied, waardoor het regelmatig voorkomt dat boten niet of later zullen varen.
KOS
Kos stad
De hoofdstad van het eiland Kos heet hetzelfde: Kos. Om onderscheid te maken tussen het eiland en de stad wordt de naam Kos-stad vaak gebruikt.
Maar Kos-stad mag eigenlijk amper stad heten. Enkele tienduizenden inwoners in een sfeervolle setting zonder het chaotische van een echte stad maken deze plaats juist zo aantrekkelijk.
In totaal is de stad ongeveer 3 kilometer lang en maximaal zo’n 2 kilometer breed met als centraal punt de Mandrakihaven. De stad ligt in aan de oostkust van het eiland en kijkt uit op Turkije. De stad Bodrum ligt op slechts 20 kilometer van Kos-Stad, het dichtstbijzijnde stukje Turkije ligt slechts op ongeveer 8 kilometer van Kos-Stad.
Lambi
Gelegen in het noordoosten van het eiland is deze badplaats eigenlijk een buitenwijk van Kos stad, grenzend aan de haven van de hoofdstad. Lambi Beach staat ook wel bekend als Nea Alikarnassos. Het strand is erg populair vanwege de gunstige ligging ten opzichte van Kos-stad. Wanneer je de kustweg volgt vanaf Kos-stad in zuidelijke richting kom je via de fietsroute langs de kust eerst het Lambi-strand tegen. Het water is er kristalhelder en het is een gouden zand-kiezelstrand. Verspreid langs de kust van Lambi bevinden zich veel verschillende strandbars, restaurants en cafés. Lambi Beach biedt prachtige vergezichten op de zee en de nabije kust van Turkije. Het Lambi strand is een kilometer lang.
Mastichari
Mastichari ligt 28 km ten zuidwesten van Kos stad. De zee kan hier, vooral in de zomer en wanneer het hard waait, grote golven veroorzaken, maar dat wordt door veel toeristen als prettig ervaren.
Wij zijn echter minder blij met een onstuimige zee, omdat we hier in de haven op de boot stappen naar Kalymnos. Hopelijk blijft het vandaag rustig, zodat we zonder zeeziek te worden de overkant bereiken.
Vanaf Mastichari zijn Kalymnos en Telendros goed te zien.
Vanaf de haven van Mastichari varen verschillende keren per dag veerboten naar Pothia (hoofdstad van Kalymnos). Rond de kern van Mastichari zijn er heel veel taverna's, restaurants en ook een aantal bars en cafetaria's. Een herkenbaar punt in Mastichari is het beeld van Poseidon dat zich op de rotonde bevindt.
Zia
Zia is een bergdorpje in het binnenland van Kos, zo'n 14km van Kos stad.
Dit kleine, toeristische bergdorpje ligt dicht bij het dorp Asfendiou op de berghelling van Dikeos. Zia ligt verscholen tussen weelderige groene bossen en stromend water en wordt beschouwd als een trekpleister voor veel dagjesmensen. De idyllische ligging op de hellingen van de berg Dikeos biedt een mooi uitzicht over het hele eiland Kos.
De route die naar het dorp leidt, doorkruist enkele prachtige plekjes. Er staan drie kerken bij de ingang van het dorp en als je verder gaat, kom je bij de hoofdstraat met winkeltjes en tavernes. Zia is ook een bekende bestemming vanwege het geweldige uitzicht op de zonsondergang.
Kos town
Kos is na Rhodos en Karpathos het derde grootste eiland van de Dodecanese en slechts 40 km lang en 9 km breed. Het is een super toeristisch eiland, vooral ook erg bekend bij Nederlanders om te fietsen. Dat massatoerisme is niet bepaald iets wat ons aanspreekt, eigenlijk hebben we meer interesse in de wat rustigere buureilanden. Maar dat weerhoud ons er niet van om toch ook hier een kort kijkje te nemen, het is wel een eiland bij uitstek om in de Griekse vakantiesfeer te komen. Voordat we het eiland weer gaan verlaten willen we toch een wandelingetje door Kos stad maken.
Rond Kos stad zijn er verschillende archeologische plaatsen, zoals een gymnasium en een Romeins amfitheater. Er zijn vele historische gedenktekens aan Hippocrates, de grondlegger van de moderne geneeskunde. Kos is de geboorteplaats van Hippocrates, de vader van de geneeskunde. Hij leefde hier rond 460 voor Christus. Één van de bekendste archeologische overblijfselen uit die tijd is het oude ziekenhuis Asklepieion, ten noorden van Kos-stad op een heuvel.
Kos stad is een gezellige stad vol met smalle straatjes, terrasjes, restaurantjes en winkeltjes. Het boegbeeld van de stad is de Johannietersburcht (uit de 16e eeuw) en de levendige Mandraki-haven. Kos-stad is een oude stad, je ziet in de architectuur invloeden terug uit de Romeinse, Byzantijnse, Turkse en Griekse tijden. Andere kenmerkende gebouwen zijn het gouverneurspaleis en de mooi beschilderde Agia Paraskevi kerk.
Jammer genoeg heeft Kos-stad veel te lijden gehad onder de aardbeving in 2017 (6,7 op de Schaal van Richter). Diverse gebouwen stortten in, waaronder ook de minaret die de skyline van de stad vorm gaf. Ook de moskee raakte flink beschadigd en is sindsdien gesloten. Wel wordt er sinds 2025 gewerkt aan de restauratie van de moskee, al is het onduidelijk wanneer deze precies voltooid zal zijn.
De haven is dé plek om een wandeling te maken over de boulevard, een stuk te fietsen of een boottocht te boeken. De vele excursieboten zorgen ervoor dat het er vooral in de ochtend en aan het einde van de middag druk is, maar eigenlijk is het hier altijd wel gezellig. Dit is mede te danken aan de cirkelvormige vorm van de haven en de vele terrassen met uitzicht op het kasteel.
De grote blikvanger aan de haven is de burcht die door de Johannieter ridderorde is gebouwd. Tegenwoordig is het niet meer dan een ruïne, maar de buitenmuren staan er nog aardig goed bij. Als je de haven binnengevaren komt dan kun je niet om dit kasteel Neratzia heen aan het begin van de haven op een schiereiland. Het kasteel – dat ook wel de Nerátzia burcht, Kruisridder Kasteel of Johannieter Kasteel wordt genoemd – stamt uit de 16e eeuw en is in de loop der jaren voor verschillende doeleinden gebruikt. Voor de Turken diende het kasteel bijvoorbeeld als militair fort waar wapens en munitie werd opgeslagen. Helaas is een groot deel van het kasteel beschadigd geraakt toen er een explosie plaatsvond in het kruitmagazijn in 1816. Toch is het kasteel nog altijd imposant om te zien met haar hoge muren.
Op 21 juli 2017 werd Kos opgeschrikt door een flinke aardbeving (6,6 op de schaal van Richter). Kort voor 2:00 uur in de nacht beefde de aarde. Twee mensen kwamen om door een instortend dak, de minaret van de Defterdarmoskee viel om, de kade waar de veerboten aanleggen raakte beschadigd. Enkele huizen en twee hotels liepen aanzienlijke schade op.
Daarna volgde de tweede ramp voor het eiland, de internationale pers kwam met opgeblazen verhalen, maakte van een 60cm hoge vloedgolf een tsunami en zaaide angst met als doel kranten te verkopen.
De eilandbewoners reageerden snel. Binnen 48 uur was het puin geruimd. De catamarans voeren weer op schema, alleen de grote autoveerboten moesten een tijdje op Kefalos als reservehaven varen. Binnen 72 uur ging het leven weer zijn normale gangetje.
Ook de kade bij de haven verzakte en het kasteel werd gesloten met oog op instortingsgevaar.
Sinds 2021 is het kasteel weer toegankelijk voor publiek. Vlak voor de ingang bevindt zich de plataan van Hippocrates.
Op een klein plein tussen de toegang tot de burcht en de Hadji Hassan moskee, staat de taaie plataan waarvan biologen de leeftijd op bijna 2000 jaar schatten. In een legende die op Kos rondgaat is de boom zelfs nog ouder. Hippocrates zou hem persoonlijk geplant, eronder uitgerust en zijn studenten onderwezen hebben.
Een andere legende beweert dat de apostel Paulus onder deze plataan het christendom gepredikt heeft.
De exacte leeftijd valt echter niet meer vast te stellen omdat er geen jaarringen meer zijn; de boom is van binnen nagenoeg hol en zijn overgebleven resten moeten gestut worden.
Vlak voor het kasteel uit de kruisvaarderstijd leggen grote cruiseschepen aan, in de schaduw van de plataan van Hippocrates tekenen kunstenaars portretten van toeristen, vlakbij zetelt de rechtbank in een oosters aandoend gebouw uit de tijd van het Italiaanse fascisme, terwijl de opgravingen in de stad bijna allemaal in het dagelijks leven zijn opgenomen.
Ruim de helft van de eilandbewoners woont in de hoofdstad, terwijl meer dan 50% van de toeristen in de voorsteden Lambi en Psalidi overnacht.
Het stedelijk gebied van Kos-stad ligt aan de rand van een groene vlakte die overloopt naar de bergen, met de bebouwing grotendeels langs de zee.
De grillige bergen van Klein Azië aan de overkant maken het decor van de stad tussen oost en west af. De stad is gemakkelijk te voet te verkennen en de plaatsen wat verder weg kunnen we goedkoop met de bus of op de fiets bereiken. Kleine taverna's en terrasjes voor een pauze zijn natuurlijk overal.
De inwoners van Kos zijn er erg trots op dat Hippocrates, de beroemdste arts uit de oudheid, op hun eiland werd geboren.
Het Asklepieion werd na zijn dood gebouwd en is de grootste archeologische vindplaats van Kos. Het vertelt nog altijd over het werk van de arts en zijn leerlingen. De eilandhoofdstad ontleent zijn charme aan het naast elkaar bestaan van heden en verleden.
Behalve veel ellende brachten de Italiaanse bezetters in de jaren 1928-1936 ook iets wat blijvend mooi is: speelse architectuur met elementen van westerse gotiek en oosterse bouwkunst. Een goed voorbeeld is het gerechtsgebouw, dat stamt uit de tijd dat de Italianen het hier voor het zeggen hadden. Het staat bijna als een klein paleis tussen de oeverweg en de plataan van Hippocrates. Het gebouw dient nog altijd als gerechtsgebouw, bovendien zijn hier diverse overheidsinstanties en het politieburo van Kos in ondergebracht. Ook als je hier niet gedwongen moet verblijven kun je hier even naar binnen lopen om de binnenplaats te bekijken. Deze zou bezienswaardig kunnen zijn, maar wordt momenteel helaas gebruikt als fietsenhok en parkeerplek voor de politiemotoren.
Mag je denken dat zonder de Italiaanse fascisten de hoofdstad van Kos maar half zo mooi zou zijn geweest? In ieder geval steekt hun architectuur gunstig af tegen de armoedige Griekse gebouwen van de afgelopen 60 jaar.
De markthal is hier een mooi voorbeeld van. Het oorspronkelijke assortiment van vers fruit en groente wordt hier tegenwoordig meer en meer verdrongen door culinaire en andere souvernirs voor de vakantiegangers.
zo kun je hier net zo gemakkelijk de van het eiland Rhodos afkomstige zoete amandelmelk souáda of de uit Corfu afkomstige vijgenpasta sykomaida vinden als de loukoumia, dobbelsteentjes van vruchtengelei met veel poedersuiker bestoven. In bijna elk Grieks huis staat wel een pot met deze zoetigheden. Wie bij een Griek op bezoek gaat, krijgt er een paar op een bordje bij de koffie.
Ook de witte noga van Kos, een lekkernij gemaakt van eiwit, honing en amandelen is een aanrader.
Bij de afdeling kruiden wordt wel een beetje gesjoemeld; exotische specerijen als peper en kaneel worden niet in Griekenland verbouwd, maar alleen hier ingepakt.
In Nederland kunnen we wijn kopen uit vele landen, maar niet vaak kom je een Griekse wijn tegen. Toch heeft Griekenland uitstekende wijnen. De meeste zijn voor consumptie in eigen land en daarnaast zijn de Grieken minder goed in marketing dan de Spanjaarden of Italianen. Wist je dat de Italianen duizenden liters olijfolie in Griekenland opkopen en in eigen land bottelen met een Italiaans etiket?
Het oude centrum van Kos-stad behoort tot de meest charmante plekken van het eiland. Smalle straten met terrassen, souvenirswinkeltjes en bloembakken worden er afgewisseld door lanen met fietspaden en palmbomen. Simpelweg dwalen door het centrum met haar winkels en cafés is dan ook een van de leukste activiteiten op Kos.
Het Eleftherias Central Square, Vrijheidsplein of ook wel het 'koffiepleintje' genoemd, is het hart en de ziel van Kos-stad, een bruisend centrum van activiteit waar de rijke geschiedenis van het eiland naadloos overgaat in het moderne leven. Dit levendige plein, omringd door charmante cafés, restaurants en historische gebouwen, biedt een boeiende mix van het lokale leven, culturele bezienswaardigheden en een ontspannen mediterrane sfeer. Bij elke stap op het plein voel je het gewicht van de historische betekenis, die wordt weerspiegeld in de architectuur en de omliggende monumenten. Aan het plein bevinden zich de overdekte markthal (de nieuwe Agora), de mooi beschilderde St. Paraskevi-kerk en het archeologisch museum.
Omdat de kerk van Agia Paraskevi op een verhoogd terras boven de oude stad uittorent, zijn de blauwe koepels al van verre zichtbaar. Het plein voor de hoofdingang is groen en versierd met een vloermozaïek
De voetgangersstraat van het kasteel loopt kaarsrecht langs de rand van het opgravingsterrein. Links van de straat ligt de uitgaanswijk van de stad, rechts resten uit de oudheid. De antieke agora is de trekpleister van Kos-stad. Het voormalige marktplein bevindt zich midden in Kos-stad en behoorde tot de grootste agora’s ter wereld. Door aardbevingen is helaas veel van de agora verloren gegaan. Op de archeologische vindplaats zijn dan ook alleen nog maar restanten van de toenmalige Romeinse stad te vinden. Agora is in het Grieks nog altijd het woord voor markt of markthal. In de oudheid was de agora nog meer: het middelpunt van het sociale en publieke leven van een stad, de plek waar filosofen en politici redvoeringen hielden, waar de stadsbestuurders zetelden, waar tempels en heiligdommen stonden.
De oude agora is niet de enige bezienswaardigheid uit de Romeinse tijd. Ook het Odeum, een oud muziektheater, stamt al uit deze periode. Naast muziekwedstrijden werden hier ook publieke zittingen van de Senaat gehouden. Net als veel andere gebouwen in Kos-stad heeft ook het Odeum door de eeuwen heen aardbevingsschade opgelopen en raakte uiteindelijk in verval. Pas toen de Italianen de scepter over Kos gingen zwaaien, werd het Odeum gerestaureerd. In vergelijking met het Colosseum in Rome is het Odeum misschien klein, maar voor het aantal inwoners dat Kos-stad voorheen kende is het een theater met een groot aantal zitplekken.
In 2015 werd Kos overspoeld met vluchtelingen die vooral uit Syrië afkomstig waren. De lokale autoriteiten werden verrast door de enorme vluchtelingengolf die via Turkije op gang gekomen was. Er is daardoor een periode geweest dat vluchtelingen uit het Midden-Oosten veel in het straatbeeld te zien waren van Kos Stad. Sinds begin 2016 is dat probleem opgelost. Afspraken met Turkije en een veel betere afhandelingsproces binnen Griekenland hebben ervoor gezorgd dat de kans dat je als toerist op Kos te maken krijgt met vluchtelingen vrij klein is.
Als er al vluchtelingen op Kos aankomen dan worden deze direct opgevangen en in de regel binnen 24 uur weer van Kos overgebracht naar andere plekken binnen Griekenland. Er is dus geen sprake van tenten met vluchtelingen in de straten van Kos, groepjes rondhangende vluchtelingen of bedelende vluchtelingen. Mocht je al een bedelaar zien dan is er vrijwel altijd sprake van zigeunervrouwen met kind(eren) die al jarenlang op Kos rondlopen.
Op Kos is de toeristische infrastructuur en de lokale busverbindingen ook een voordeel. Bovendien zijn overal auto's, scooters en allerlei soorten fietsen te huur. Je kunt kiezen uit het volledige spectrum, van een fiat 500, een chique cabrio of gewoon een e-bike en vooral quads zijn tegenwoordig populair. Het kleine eiland kun je zo gemakkelijk op eigen houtje verkennen.
Een van de voordelen van een bezoekje aan de Griekse eilanden in het voorjaar is dat het eiland in volle bloei staat. Aan het einde van de zomer is alles dor en droog.
In de voor heel Griekenland karakteristieke phrygana, een vegetatietype van lage struiken en kruiden, bloeit de witte en roze cistus en geuren kruiden als tijm en oregano. Oleander en bougainvillea sieren muren en huizen.
De meeste bomen op het eiland zijn door de mens geplant; eucalyptussen langs wegen, platanen en treurvijgen op dorpspleinen. In hun schaduwen zijn vaak de terrassen van cafés en taverna's te vinden.
Moestuinen en olijfboomgaarden voor eigen gebruik kenmerken het landschap in het binnenland. Alleen wijn wordt op kleine schaal geëxporteerd.
Zia
We gaan op pad met de huurauto, het binnenland in richting Zia. Het is een mooie route over een kronkelweg door de bossen met hier en daar prachtige uitzichten op zee. We rijden langs het Asklepieion en stoppen onderweg voor een wandeling naar het kappelletje van Osias Melous. Hoewel de huidige structuur van de kapel in 1948 werd voltooid, staat deze op een locatie met een geschiedenis die teruggaat tot de Byzantijnse periode. Het ontwerp van de kapel en de locatie suggereren dat deze is gebouwd op eerdere religieuze bouwwerken. In 1933 bezocht een Duitse archeoloog de kapel en stelde dat het mogelijk de eerste christelijke kerk was die op het eiland Kos werd gesticht.
Zia is een kleurrijk, toeristisch bergdorpje in het binnenland van Kos. Het ligt ongeveer 15 kilometer ten westen van Kos-stad en wordt beschouwd als het enige bergdorp van Kos. Dat van die berg klopt, want het ligt op een flank van het Dikeos gebergte op 350m hoogte. Het dorpse karaker is echter verdwenen door het toerisme. Zia is een beetje een museumdorp geworden.
Zia is onderdeel van de Asfendiou dorpen die bestaan uit Zia, Lagoudi, Asomatos en het grootste dorp Asfendiou. Zia is de meest populaire uit het rijtje en ook het meest commerciële. Zia wordt vooral het mooiste dorp van Kos genoemd, deze titel alleen al is voldoende om dagelijks duizenden toeristen naar het dorp te lokken. Bussen vol toeristen rijden over de smalle bergweggetjes richting het dorp. Soms is het bijna eng om te zien hoe deze toeristenbussen over de wegen manoeuvreren. Ze zijn op weg naar een plaatsje op een terras voor de mooiste zonsondergang van Kos en worden verleid door de zogenaamde unieke en handgemaakte souvenirs. Het drukste moment van de dag is het laatste uur voor zonsondergang. Men komt speciaal naar Zia om hier te genieten van het moment dat de zon boven de zee verdwijnt. De toeristenbussen lossen hun lading bij de vele restaurantjes met dakterras.
Wij parkeren onze auto weer even voor een frappé en wandelingetje door het dorp, wat eigenlijk meer een winkelstraat is vol souvenirwinkeltjes en kraampjes. Met onderweg uiteraard de nodige terrasjes, waar je lokaal gemaakte limonade (Kanelada) kunt drinken en tevens kunt genieten van het uitzicht op Kos. Dat het een charmant dorp is zal bijna niemand ontkennen. Het grote nadeel is dat door alle toeristische meuk het oorspronkelijke karakter niet meer te herkennen is.
Vanaf de rand van het dorp leidt een weg omhoog naar de mooie dorpskerk die ooit een kloosterkerk was. Op het korte eindje omhoog staat ook nog een laatste watermolen, waarin -uiteraard- een restaurant ondergebracht is. De mooie ligging aan de rotswanden, de waterrijkdom, de heerlijk geurende bloementuinen de huisjes en de paar oude bewoners zijn er toch wel een wandelingetje waard.
Je kunt ook het Kos Natural Park bezoeken, een soort van kinderboerderij. Dit natuurlijke park ligt net buiten Zia, het pad loopt omhoog tussen de naaldbomen door langs o.a. herten, geiten, konijnen en schildpadden. Tussendoor kun je genieten van het uitzicht op het lagere gedeelte van Kos en verderop Turkije.
Wandelaars en bergbeklimmers kunnen vanuit Zia wandelen naar de top van de Dikeon berg op 846 meter boven de zeespiegel.
Pyli
Pyli is het grootste dorp in het midden van Kos, verdeeld in een nieuw en oud gedeelte (Paleo Pyli). In 1830 werd Pýli getroffen door een cholera epidemie en alle bewoners ontvluchtten het dorp. De huizen van Paléo Pýli zijn inmiddels vervallen en het is een spookdorp geworden.
Niet alle van de ongeveer 1000 inwoners leven echter in het door groen omringde dorp aan de voet van de berg Dikeos. Het badplaatsje Marmari aan de noordkust en de hele vlakte daartussen behoren ook tot het grondgebied van de gemeente. Deze streek van Kos is rijk aan agrarische producten vanwege de vruchtbare landbouwgrond, er worden veel fruitsoorten en verschillende groentes verbouwd.
Aan het dorpsplein van het 'nieuwe' dorp staat een traditioneel Pyli huis, ingericht als museum en er zijn enkele leuke Griekse kafeneion’s en taverna’s, maar ook een minimarket, een slager en een bakker.
Mastichari
Mastichari was ooit een vissersdorp dat zich de laatste decennia tot een leuk toeristisch vakantiedorp heeft ontwikkeld. De uitstekende stranden hebben hieraan bijgedragen, maar ook de betrekkelijk kleine afstand tot het internationale vliegveld van Kos, dat maar vier kilometer er vandaan ligt. Het gemoedelijke kustplaatsje ligt aan de noordkant van Kos.
Het centrum van Mastichari wordt gevormd door een rotonde met daarop een opvallend standbeeld van Neptunus. Rondom deze rotonde vind je diverse restaurants en cafés, die ondanks het toenemende all-inclusive toerisme elders op het eiland, nog altijd redelijk goed bezocht worden.
Vanaf de rotonde loop je makkelijk richting de sfeervolle vissershaven, vanwaar diverse keren per dag de veerboot naar het buureiland Kalynos vertrekt.
Kardamena
Kardamena ligt aan de zuidkust van Kos, op 30 kilometer van Kos stad en 7 kilometer vanaf het vliegveld van Kos. Het is een leuke vakantie badplaats met 1300 vaste inwoners. Er is een leuk haventje waar vissersbootjes aangemeerd liggen. De oude binnenstad van Kardamena heeft smalle straatjes, waar de geparkeerde auto’s de wegen blokkeren. Op de een of andere manier schreeuwt Kardamena wel ‘Engelsen’ uit en schijnt het dorp in het hoogseizoen een bruisend nachtleven te hebben.
De straat langs het strand is vooral gevuld met restaurants en bars, daarachter zijn de winkels. Kardamena is een badplaats die alles heeft wat je nodig hebt voor een strandvakantie, maar daar houdt het eigenlijk ook ver mee op. Zelf zal ik niet snel verliefd worden op dit plaatsje.
Wij vertrekken dan ook al gauw met de veerboot die hier in de haven vertrekt naar het buureiland Nisyros.
Nisyros
Het bootje vanuit Kardamena mindert vaart en ik waag me naar de reling te begeven om het eerste aanzicht van Nisyros te aanschouwen. We varen langs een aantal prachtige wit met blauwe huizen en een klein wit met rood kerkje, die hun plaats hebben genomen onderaan de de bergen en de weelderige natuur die zich daarop heeft gevestigd. De kapitein verwelkomt ons op Nisyros en legt de boot aan in het haventje van Mandraki.
Nisyros is een klein, rond vulkanisch eiland met een oppervlakte van ongeveer 41 km2 ten zuiden van Kos en ten noorden van Tilos. In de oudheid stond het bekend als Porphyris. Volgens de Griekse Mythologie onstond het eiland doordat Poseidon met zijn drietand een deel van Kos afhakte en het op de gigantische Polyvotis gooide om te voorkomen dat hij ontsnapte.
De kustlengte is maar 28 kilometer en er leven minder dan 1000 mensen verdeeld over vier dorpen. De hoofdstad van Nisyros is Mandraki, hier is de enige haven van Nisyros en dus de plaats waar we met de boot arriveren. Nisyros wordt in de zomer dagelijks door veel toeristen bezocht. Mandraki is een leuk havenplaatsje en op het eiland bevindt zich een vulkaan waarvan de kraters bezocht kunnen worden. Deze kraters liggen op het plateau van Lakki en ten noorden van het bergdorpje Emporios dat met de bus bereikbaar is. Touringcars vertrekken zeer regelmatig vanaf het haventje en rijden tot aan de kraters. Op het plateau van Lakki bevinden zich 5 kraters op loopafstand. De grootste krater heet Stefanos en is maximaal 300 meter en minimaal 250 meter breed. Het diepste punt hiervan is 30 meter. De vulkaan op Nisyros is geen actieve vulkaan, maar wel een levende vulkaan, op vele plekken komen er dampen uit de grond en de geur van zwavel is zeer sterk.
Mandraki
De hoofdstad en haven van Nisyros is Mandraki, in het noordwesten aan de voet van een steile heuvel. Er zijn niet meer dan 1000 vaste bewoners en de meeste wonen in dit hoofdstadje, wat eigenlijk meer een dorpje is met wit-blauwe huizen in de gezellige steegjes en pleintjes. In het centrum van het dorp zijn souvenirwinkeltjes en aan de kade zijn veel restaurantjes.
Vergeleken met bijvoorbeeld Kos en Rhodos is het op Nysiros een oase van rust, alhoewel het in het seizoen overdag druk is. Het eiland wordt in de zomer namelijk dagelijks aangedaan door vele dagtoeristen.
Boven Mandraki uit, op een rotsheuvel bevinden zich het Johannieten kasteel en het klooster van Panagia Spiliani (Heilige Moeder Spiliani, de beschermster van het eiland). Het klooster van Spiliani is in 1600 gebouwd op de plek waar zich een grot bevond. Spilia betekent grot, vandaar de naam Spiliani.
Vanaf het water gezien leek Nisyros een heel normaal eiland. Het wordt pas bijzonder als je omhoogrijdt. Plotseling bereik je de rand van een reusachtige krater.
Na ongeveer een half uurtje rijden over sterk stijgende wegen komen we aan bij de grootste krater van Griekenland (de vulkaan heeft 10 grote en kleinere kraters). Hier is een klein kraampje waar men wat kan drinken en vulkaanstenen kan kopen. En dan is het de bedoeling dat je de krater in gaat. Of niet, als je niet tegen de hitte kunt. Het is mogelijk om door de actieve krater, de Stefanos krater, te lopen. De vulkaan slaapt wel, maar dooft niet, omdat hij op actieve breuklijnen ligt. Hij kan dus ooit nog eens uitbarsten.
Het is te merken dat de krater nog leeft, want uit de gaten in de grond komt warmte en stoom. Op veel plekken komen er dampen uit de gaten in de grond en de geur (stank!) van zwavel is sterk.
Deze caldera is ongeveer 3km lang en 1km breed, de kraterrand is op zijn hoogste punt 698m. De ene helft van de krater is zo groen dat er zelfs koeien kunnen grazen, de andere daarentegen lijkt wel een maanlandschap.
Op diverse plaatsen stijgen zwaveldampen op en overal zijn felgele zwavelafzettingen te zien.
Vier andere nevenkraters liggen vlakbij, maar zijn moeilijker begaanbaar. De weg eindigt midden in de krater bij een café. Een paar meter van het café kom je bij de spectaculairste van deze nevenkraters, de Stefanos krater.
Kalymnos
Kalymnos is het vierde grootste eiland van de Dodecanesen en ligt ten noorden van Kos. Kalymnos is bergachting en heeft 2 vruchtbare valleien, de vallei waar Kalymnos-stad ligt en de vallei waar het dorp Vathi ligt. Op Kalymnos zijn er tal van mooie stranden maar ook grotten die de moeite waard zijn; De bekendste grotten zijn die van de "7 maagden" bij de berg Flaskia, de grot bij Skalia en de grot Kefala die alleen per boot bereikbaar is. Kalymnos-stad noemen de lokale bewoners Pothiá, hier wonen ongeveer 12000 inwoners. Op Kalymnos zijn er een aantal badplaatsjes die een eigen karakter hebben en waar men lekker vis kan eten zoals o.a. Emporios (24 kilometer ten noorden van Kalymos stad), Masouri (8 km), Myrties (7 km), Kamari (6 km) en Panormos (5 km). Al deze dorpen liggen aan de westkust en zijn via een goede weg makkelijk te bereiken.
Kalymnos noemt men ook het eiland van de "Sfouggarades" wat sponzenvissers betekent. In het verleden was het sponzenduiken de voornaamste bron van inkomsten voor de lokale bewoners en het was een grote gebeurtenis wanneer de sponzen-vissers met tientallen boten vertrokken om sponzen te gaan vangen. In Kalymnos-stad kan men ook diverse ambachten bezoeken waar de sponzen bewerkt worden. In bijna alle winkels worden sponzen verkocht en er is zelfs een sponsfabriek waar men een stukje geschiedenis meekrijgt.
Kalymnos stad, Pothiá, is een kleurrijke stad die amfitheatrisch tussen de bergen in 1850 is gebouwd door de bewoners van de oude hoofdstad "Chorió". Chorió is een klein dorpje op 3 kilometer van Kalymnos-stad. Met Pasen worden er op het grote plein grote traditionele feesten gehouden waarbij men lokale gerechten kan proeven en lekkere wijn kan drinken. Er wordt dan ook gedanst, een traditie is dan "de dans van de duiker".
Tijdens de zomer komen er dagelijks boten met toeristen om het eiland te bezoeken (vanaf Kos en Leros.) Met de boot kan men ook naar o.a. Patmos, Leros, Kos en Telendos. Toerisme is een belangrijke bron van inkomsten, maar visvangst is nog steeds net zo belangrijk voor de economie van het eiland.
Pothia
We komen aan in de grote haven van de eilandhoofdstad Póthia en er is veel te zien. Veerboten en vrachtschepen, jachten en vissersboten liggen aan de kades. In deze havenstad zijn de huizen in een halve cirkel om de baai gebouwd. Het stadsbeeld is blijkbaar minder kleurrijk geworden dan vroeger, maar veel gevels van de kubusvormige vissershuizen zijn, zoals de traditie dat wil, in verschillende kleuren geverfd. De zeepromenade is de flaeneerstraat van de inwoners en toeristen. Terrasjes en taverna's zijn er in overvloed, hier en daar afgewisseld met een vishandel. Er rijden veel scooters rond en vooral in het weekend gebruiken de Grieken ze soms wel met vier personen tegelijk. Bijna niemand draagt een helm. Straatverkopers, soms met een tot rijdend winkeltje verbouwde kinderwagen, bieden als vanouds noten, suikerspinnen, geroosterde maïskolven en nog veel meer aan en op terrassen worden loten verkocht. Nonnen en monniken staan bij de bakker om hun weekvoorraden in te slaan, kinderen spelen tot laat in de avond balspellen of draaien rondjes op hun driewielers.
Halverwege de zeepromenade staan oosters aandoende gebouwen die echter uit de tijd van de Italiaanse bezetting 1912-1943 stammen. Ook de bisschopskerk tou Christou staat hier.
Een trap leidt omhoog naar het Naval museum dat geheel is gewijd aan de geschiedenis van de sponsduikerij.
Vanaf de noordwesthoek van het plein waar het Naval museum staat, voert de Odós El Venizélou, een drukke eenrichtingsweg en winkelstraat met smalle trottoirs, de stad in. Borden wijzen de weg naar rechts boven de straat in een woonwijk gelegen Archeologisch museum.
Het eiland van de sponsvissers, het klink als een verleidelijke reclameslogan uit een reisbrochure, maar is hier de waarheid.
De sponzenverkopers van de stad stallen hun waren fotogeniek uit in de diverse winkeltjes.
Al sinds de oudheid worden er in de wateren rond Kalymnos natuursponzen geoogst. De enige groene vallei, die van Vathis, was niet groot genoeg om de bevolking te voeden. Daarom moesten de eilandbewoners zich tot de zee richten en zijn ze zeevaarders geworden. In de lente varen er nog steeds boten uit om op sponsen te vissen in de Griekse of taliaanse wateren. Het aantal sponsduikers op het eiland neemt sinds de crisis zelfs weer toe. De duikers varen tegenwoordig niet meer maandenlang tot aan de Noord-Afrikaanse kust, maar combineren op één tot drie weken lange tochten het sponsduiken met visvangst in de Egeïsche zee. Uiteraard met moderne uitrusting.
De grootste concurrentie komt uit Turkije en van landgenoten die naar Florida getrokken zijn om daar op sponsen te vissen.
Mirties
Vathi
Het 13km verderop gelegen eenzame gehucht Vathi ligt aan een diep ingesneden, verlande baai en is misschien wel het meest karakteristieke en mooiste dorp op het eiland. Het bestaat uit drie gehuchten, die zich uitstrekken vanaf de zee, tussen stenige bergwanden en door een groene vallei met bevloeide citrusplantages en moestuinen. De Vathivallei begint aan het einde van een smalle, fjordachtige baai en loopt over een breedte van 1km en lengte van 6km landinwaarts naar de kale bergen. Hoge muren beschermen duizenden mandarijnen, citroen- en sinasappelbomen tegen de wind. De kleine haven ligt verborgen achter de rotsen.
Verspreid in het dal liggen nog enkele gehuchten.

Klimmers uit de hele wereld komen graag naar Kalymnos vanwege de meer dan tweeduizend geprepareerde klimroutes, waarbij ze vaak direkt boven zee de rotsen beklimmen. De westkust van Kalymons en het eilandje Psérimos gelden als de beste klimgebieden. Vanaf de weg kun je de waaghalzen bezig zien.
Het eiland is een bergachtige, stenige woestenij.
Psérimos
Pserimos is het volledig kale dwergeilandje tussen Kos en Kalymnos. Pserimos is een uitstekend eiland voor degenen die van de ultieme rust houden. Dan zul je er wel moeten overnachten, want tussen 11 en 16 uur wordt het eiland bevolkt door bootladingen dagjesmensen die bootexcursies boeken vanuit Kos.
Er zijn een aantal verlaten zandstranden waar zwemmen heerlijk is. Er zijn ook enkele accommodaties om op het eilandje te verblijven in het enige dorpje op het eiland, dat in de winter slechts nog enkele tientallen inwoners heeft. In de zomer zijn dat er een paar honderd.
Er is in de zomer dagelijks en in de winter twee maal per week verbinding met kleine boten naar Kos. In de zomer leggen vele excursieboten vanuit Kos hier aan om de toeristen te laten zwemmen. Wanneer die zijn vertrokken, keert de rust weer.
Pserimos was nog niet eens zo lang geleden een van de laatste bewoonde eilanden in de Egeïsche Zee waar nog geen elektriciteit was, maar ook hier branden nu 's avonds gloeilampen en staat het ouzo en bier koud. Eigen water bezat het eiland echter altijd al. De eilandbewoners zijn trots op hun bron, die ontspringt in de heuvels op een half uurtje lopen van het dorp.
Het eilanddorpje ligt aan de landzijde van een smalle, langgerekte baai. Aan het strand staan kleine huisjes, die tegenwoordig vooral in gebruik zijn als café of restaurantje. Vanaf de oude pier aan de zuidzijde van de baai voert een 30m lange betonweg naar het strand. Dit is meteen ook de enige verharde weg van het eiland. De onverharde dorpsstraat is slechts 100m lang en gaat al bij de dorpskerk over in een veldweg. Aan het begin staan een paar huizen en restaurantjes die samen de dorpskern vormen.
In de zomer is het overdag een komen en gaan van excursieboten die aanmeren aan de pier. De toeristen nemen dan een frisse duik in zee, kopen een ijsje op het strand of in de kleine supermarkt en strijken op een van de terrasjes neer.
Wij gaan even op het eilandje rondkijken en lopen langs het strand naar de 'dorpsstraat' en de dorpskerk Panagia, gewijd aan het overlijden van Maria. Sinds het midden van de 19e eeuw staat de in wit en blauw geschilderde kerk in een mooie tuin met olijfbomen en cipressen, vijgen, amandelen en een eenzame palm. Onder de vrijstaande klokkentoren liggen nog wat resten van een vroeg christelijke basiliek. Op 15 augustus, Mari Hemelvaart, wordt hier een kerkwijdingsfeest gevierd.
Telendos
Als klap op de vuurpijl maken we nog een snelle overtocht naar het vijfde eiland voor deze week: Telendos, een autovrij eiland dat van Kalymnos gescheiden werd door een aardbeving. Dit vredige eiland ademt een tijdloze sfeer uit met schilderachtige wandelpaden, afgelegen baaien en een prachtig uitzicht op de zonsondergang. Telendos is de perfecte plek om tot rust te komen en te genieten van de eenvoud van het eilandleven.
Ieder half uur varen er bootjes heen en weer van Mirties op Kalymnos naar Telendos in vijf minuten.

Reizen tussen de eilanden is eenvoudig dankzij de frequente (veer)bootverbindingen.
Absolute hoogtepunten per eiland
Op Kos is het gezellige hoofdstadje voor ons een prima uitgangspunt vanwege de busverbindingen op het eiland zelf en de veerboten naar de buren.
Op Kalymnos is niet alleen het toerisme de bron van inkomsten, er wonen ook nog steeds beroepsvissers.
Verder schijnt dit eiland bekend te zijn voor de rotsklimsport, met wereldberoemde routes en adembenemende uitzichten.
Op Nisyros is de vulkaankrater van Stefanos een unieke ervaring, waar je de zwavelgeuren en de warmte van de aarde kunt voelen.
Op het kleine Psérimos staat maar een handjevol huizen. Leuk voor een kort strandwandelingetje en relaxte sfeer of een stranddagje, maar verder niet veel te beleven. Telendos is het kleine autovrije eilandje dat van Kalymnos gescheiden werd door een aardbeving en op 5 minuten varen ligt van het badplaatsje Mirties.
Deze eilanden samen bieden voor ons een mooie mix van een ontspannen weekje met wat geschiedenis, een vleugje avontuur en aardige natuur.
Maak jouw eigen website met JouwWeb